Archief JWB |
Dossiers |
Arbeidsrecht Agenda
|
Meest gelezen |
|
|
|
Concurrentiebeding bij doorstart na faillissement. Art. 7:653 en 7:663 BW
De curator heeft de arbeidsovereenkomst met de werknemer beëindigd. In deze arbeidsovereenkomst was een concurrentiebeding opgenomen. De werknemer treedt vervolgens bij een concurrent in dienst, terwijl de onderneming waaraan hij verbonden was een doorstart maakt. De doorstarter beroept zich vervolgens op het concurrentiebeding. De kantonrechter oordeelt dat bij een doorstart na faillissement art. 7:663 van toepassing is, maar dat dit niet zo ver gaat dat de doorstarter zich op het concurrentiebeding kan beroepen. Het concurrentiebeding is namelijk met de oude werkgever overeengekomen, dus slechts die oude werkgever kan zich jegens de werknemer op het concurrentiebeding beroepen.
Lees hier de uitspraak.
JWB Rechtspraak 2010-431
Concurrentiebeding. Art. 7:653 BW
De werknemer is met de werkgever een concurrentiebeding overeengekomen, maar vordert thans vernietiging van het concurrentiebeding, omdat hij bij een concurrent in dienst wil treden. De kantonrechter oordeelt dat het concurrentiebeding rechtsgeldig is overeengekomen, dat geen sprake is van onbillijke benadeling van de werknemer op grond waarvan het concurrentiebeding geheel of gedeeltelijk moet worden vernietigd, maar dat de werkgever ook geen belang heeft bij handhaving van het concurrentiebeding. Op grond hiervan matigt de kantonrechter het concurrentiebeding in zoverre het de werknemer belemmert bij de nieuwe werkgever in dienst te treden.
Lees hier de uitspraak.
JWB Rechtspraak 2010-429
Schorsing concurrentiebeding. Art. 7:653 BW
De werkgever en de werknemer zijn in het kader van een beëindigingregeling een concurrentiebeding overeengekomen. De werknemer stelt echter dat het beding veel te verstrekkend is en vordert schorsing van het concurrentiebeding hangende de bodemprocedure over vernietiging van het beding. Het Hof oordeelt dat nu niet is vast te stellen dat er een grote kans bestaat op vernietiging van het concurrentiebeding in de bodemprocedure geen reden bestaat om het concurrentiebeding voorlopig te schorsen.
Lees hier de uitspraak.
JWB Rechtspraak 2010-426
Overtreding non-concurrentiebeding. Art. 7:653 BW
De werknemer is in strijd met het concurrentiebeding in dienst getreden bij een concurrent van zijn ex-werkgever. De ex-werkgever doet vervolgens een beroep op het concurrentiebeding en vordert de afgesproken boetes. De werknemer stelt dat zijn belang zwaarder weegt dan dat van de werkgever. De kantonrechter oordeelt dat in casu de werkgever wel degelijk een groter belang heeft dan de werknemer bij handhaving van het concurrentiebeding. Volgt toewijzing van de vordering, maar de rechter gaat wel over tot matiging van de boete.
Lees hier de uitspraak.
JWB Rechtspraak 2010-416
Schorsing concurrentiebeding vanwege zwaarder drukken afgewezen. Art. 7:653 BW
De werknemer heeft bij indiensttreding in de functie van Buitendienst Medewerker een concurrentiebeding ondertekend. Thans is de werknemer Product Manager en wil hij graag naar een concurrent overstappen. De werknemer vordert schorsing van het concurrentiebeding op grond van het zwaarder drukken-criterium. De voorzieningenrechter oordeelt dat geen sprake is van een ingrijpende functiewijziging, nu het carrièreverloop voorzienbaar was. Hiermee faalt een beroep op de AVM-arresten. Een belangenafweging naar billijkheid valt ook niet in het voordeel van de werknemer uit, nu de werknemer niet heeft gesteld dat hij bij de nieuwe werkgever meer kan verdienen noch dat andere omstandigheden nopen tot schorsing van het concurrentiebeding. Volgt afwijzing van de vordering.
Lees hier de uitspraak.
JWB Rechtspraak 2010-409
Uitleg concurrentiebeding. Art. 7:653 BW
De werkgever en de werknemer zijn een concurrentiebeding overeengekomen waarin is opgenomen dat de werknemer niet in dienst mag treden bij een andere onderneming in heiwerk, waaronder begrepen funderingswerkzaamheden en bijbehorende laswerkzaamheden. De werknemer stelt dat hij overal in dienst mag treden, behalve bij een onderneming in heiwerk. De werkgever stelt dat het concurrentiebeding ruimer moet worden uitgelegd, namelijk ook ondernemingen in funderingswerkzaamheden en laswerkzaamheden. De voorzieningenrechter oordeelt met een beroep op de contra proferentem-regel dat onduidelijkheden in de interpretatie van het concurrentiebeding voor rekening van de werkgever komen.
Lees hier de uitspraak.
JWB Rechtspraak 2010-387
Uitleg reikwijdte concurrentiebeding. Art. 7:653 BW
De werknemer is in dienst als inkoper bij de werkgever en heeft met deze werkgever een concurrentiebeding gesloten. De werkgever is gericht op werkzaamheden in de groothandel. In het concurrentiebeding staat dat de werknemer niet bij een bedrijf te gaan werken concurrerend aan dat van de werkgever. De werknemer wil vervolgens in dienst treden bij een bedrijf dat zich met name richt op de detailhandel. De vraag is of hiermee schending van het concurrentiebeding plaatsvindt. De kantonrechter oordeelt dat het verschil tussen het bedienen van de groothandel en het bedienen van de detailhandel zo wezenlijk is dat het in dienst treden bij de nieuwe werkgever geen schending van het concurrentiebeding meebrengt. Lees hier de uitspraak.
JWB Rechtspraak 2010-366
Schorsing non-concurrentiebeding. Art. 7:653 BW
De werknemer heeft een concurrentiebeding in zijn arbeidsovereenkomst, maar wil graag overstappen naar een concurrent. De werknemer heeft eerst een voorstel gedaan tot inperking van het concurrentiebeding, maar dat heeft de werkgever geweigerd. De werknemer vordert daarom schorsing van het concurrentiebeding. De voorzieningenrechter oordeelt dat geen sprake is van een verwacht nadeel voor de werkgever, nu de nieuwe werkgever op de indirecte markt actief is en de werkgever op de directe markt. De werkgever heeft daarom onterecht het aanbod van de werknemer tot inperking van het concurrentiebeding geweigerd. Volgt toewijzing van de schorsing van het concurrentiebeding. Lees hier de uitspraak.
JWB Rechtspraak 2010-346
Uitleg overnameovereenkomst met betrekking tot concurrentiebeding
De werkgever heeft in de overnameovereenkomst met een voormalig werknemer, die een deel van het bedrijf zou overnemen, een concurrentiebeding opgenomen. De voormalig werknemer exploiteert vervolgens het deel van het bedrijf dat hij heeft overgenomen en schendt daarbij volgens de werkgever het concurrentiebeding. De werkgever vordert de boete die aan overtreding van het concurrentiebeding was verbonden. De rechtbank oordeelt in eerste aanleg dat de werkgever vanwege schuldeisersverzuim de voormalig werknemer niet aan het concurrentiebeding kon houden. Het Hof besluit een comparitie van partijen te gelasten en houdt de zaak aan. Lees hier de uitspraak.
JWB Rechtspraak 2010-318
Uitleg concurrentiebeding opgenomen in vaststellingsovereenkomst. Art. 7:653 BW
De werknemer heeft in het kader van een beëindigingsovereenkomst een concurrentiebeding, opgenomen in die beëindigingsovereenkomst, ondertekend. In dat concurrentiebeding staat dat de werknemer drie jaar lang niet bij een concurrent werkzaam mag zijn. De werknemer heeft vervolgens een aanbieding van een concurrent gekregen en vordert nu vernietiging van het concurrentiebeding. De kantonrechter oordeelt dat nu de werknemer weliswaar maar 9 maanden bij de werkgever heeft gewerkt het concurrentiebeding vrij lang is, maar dat daartegenover staat de ontbindingsvergoeding die met EUR 28.000 zeer riant was. De werknemer heeft zich tevens door een advocaat laten bijstaan en had dus moeten begrijpen welke gevolgen het concurrentiebeding had. Volgt afwijzing van de vordering van de werknemer. Lees hier de uitspraak.
JWB Rechtspraak 2010-296
Schending concurrentiebeding. Art. 7:653 BW
Drie werknemer zijn door de werkgever op staande voet ontslagen, waarna twee ervan bij een directe concurrent in dienst treden. De werkgever vordert handhaving van het concurrentiebeding en schadevergoeding. De kantonrechter oordeelt dat slechts met een van de drie werknemers een geldig concurrentiebeding is overeengekomen. Juist deze werknemer is niet bij de concurrent in dienst getreden. De overige werknemers hebben het concurrentieding niet geschonden, evenmin is onrechtmatige concurrentie aangetoond, nu het in dienst treden bij een concurrent op zichzelf niet onrechtmatig is. Lees hier de uitspraak.
JWB Rechtspraak 2010-293
Concurrentiebeding. Art. 7:653 BW
De werkgever en de werknemer zijn bij het aangaan van de arbeidsovereenkomst een concurrentiebeding en een relatiebeding overeengekomen. Wanneer de werknemer zich sterk kan verbeteren qua positie schendt hij het concurrentiebeding. De werkgever vordert de boetes. Het Hof oordeelt in navolging van de kantonrechter dat de werknemer slechts over die algemene kennis beschikte waarover alle werknemers bij de werkgever beschikten. De werkgever heeft dus onvoldoende belang bij het houden van de werknemer aan het concurrentiebeding. Lees hier de uitspraak.
JWB Rechtspraak 2010-199
Zwaarder drukken non-concurrentiebeding. Art. 7:653 en 7:665a BW
De werknemer heeft met de werkgever een concurrentiebeding gesloten. Als de werkgever via overgang van onderneming zijn bedrijf wil overdragen, wil de werknemer niet mee en elders gaan werken. De werkgever beroept zich op het concurrentiebeding. De werknemer stelt dat sprake is van zwaarder drukken van het concurrentiebeding dan wel dat de werkgever geen gerechtvaardigd belang heeft bij handhaving van het concurrentiebeding. De kantonrechter oordeelt dat geen sprake is van toepassing van het zwaarder drukken-criterium. Wel vindt de kantonrechter dat de werkgever geen gerechtvaardigd belang heeft bij handhaving van het concurrentiebeding, nu hij zijn verplichtingen op grond van art. 7:665a heeft geschonden. Lees hier de uitspraak.
JWB Rechtspraak 2010-188
Overtreding non-concurrentiebeding. Art. 7:653 BW
De werknemer is in dienst bij Elektrokoopjes en heeft met die werkgever een concurrentiebeding. De werknemer krijgt een aanbod van MediaMarkt en wil daar graag in dienst treden. De werknemer verzoekt vernietiging van het concurrentiebeding, terwijl de werkgever handhaving verzoekt in een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter oordeelt dat Elektrokoopjes een directe concurrent is van MediaMarkt en dat het belang van de werkgever daarom prevaleert boven het belang van de werknemer. Het concurrentiebeding blijft derhalve gehandhaafd. Lees hier de uitspraak.
JWB Rechtspraak 2010-185
Matiging boete concurrentiebeding. Art. 7:653 en 6:94 BW
De werknemer heeft tijdens zijn korte dienstverband bij de werkgever een eigen bedrijfje opgezet dat dezelfde activiteiten verricht. De werknemer heeft daarmee het concurrentiebeding en het nevenactiviteitenbeding overtreden. De werkgever heeft de boetes opgeëist, welke vordering door de kantonrechter is toegewezen. In hoger beroep vordert de werknemer matiging van de boete tot nihil. Het Hof oordeelt dat de werkgever wel degelijk een belang heeft bij het handhaven van de boetes nu de werknemer direct concurrerende activiteiten is gestart. Volgt bekrachtiging van het vonnis van de kantonrechter. Lees hier de uitspraak.
JWB Rechtspraak 2010-174